Goed nieuws! Amper 7% van alle jongeren in ons land zijn zogenaamde NEET-jongeren: ze zijn niet aan het werk en volgen geen opleiding of vorming. Daarmee zit ons land ruim onder het EU-gemiddelde van 9,1%. Maar er is ook minder positief nieuws: nog geen driekwart van de jongeren (72,6%) tussen 15 en 34 jaar is actief op de arbeidsmarkt in ons land. Daarmee staat de tewerkstellingsgraad van recent afgestudeerden op het laagste peil in acht jaar[1].
Om de tewerkstellingsgraad van alle Belgen op beroepsactieve leeftijd naar 80% te krijgen, zoals de regering-De Wever beoogt, ligt er nog een uitdaging bij de jongeren. Momenteel bedraagt de tewerkstellingsgraad van jongeren (met name 15-34-jarigen die maximaal drie jaar geleden afstudeerden) 72,6%. Dat is het laagste peil in acht jaar en een opvallende daling ten opzichte van de piek van 80% in 2023. Daarmee zakt België onder het EU-gemiddelde van 75,3%, en blijft van al onze buurlanden enkel Frankrijk (68,8%) nog achter op ons land. Onze buurlanden Duitsland (84,9%) en Nederland (88,6%) liggen ver voorop, ondanks dat ook zij de laatste jaren een lichte terugval kennen. De daling in België is met 9,3% echter de sterkste van al onze buurlanden.
“De daling in de werkgelegenheid onder jongeren is geen louter Belgisch fenomeen”, stelt Kathelijne Verboomen, Director Kenniscentrum bij Acerta Consult. “In heel Europa zien we dat economische afkoeling, langere studietrajecten en een mismatch tussen opleiding en arbeidsmarkt de instroom van jongeren vertragen. Jongeren zijn vaak de eerste groep die de impact van een onzekere arbeidsmarkt voelt. Maar ons land kent met een daling van 9,3% ten opzichte van 2023 de scherpste terugval in tewerkstelling van jongeren van al onze buurlanden. Dat is geen verrassing gezien de afkoeling van de arbeidsmarkt. Door aanwervingsstops bij veel bedrijven krijgen jongeren minder kansen om hun carrière te starten. Bedrijven focussen nu vooral op het optimaal inzetten van hun bestaande talent. Landen als Duitsland en Nederland tonen dat het anders kan: hun succes is geen toeval, maar het resultaat van jarenlange investeringen in duaal leren, sterke samenwerking tussen onderwijs en bedrijven, en actieve begeleiding van jongeren naar werk.”
Jeugdwerkloosheid in ons land stijgt met 8,1%
Ook de jeugdwerkloosheid in ons land gaat omhoog. Ze is van 16,1% in 2023 gestegen naar 17,4% in 2024, een toename van 8,1%. Daarmee blijft ons land boven het EU-gemiddelde van 14,9%, al doet het het nog altijd beter dan buurlanden zoals Frankrijk (18,7%) en Luxemburg (21,6%). Duitsland (6,6%) en Nederland (8,7%) blijven veruit de best presterende landen op dat vlak. Opvallend is dat vrijwel alle buurlanden de voorbije jaren een stijging van de jeugdwerkloosheid optekenden.
Kathelijne Verboomen: “De stijgende jeugdwerkloosheid in België is het resultaat van een combinatie van economische onzekerheid en structurele knelpunten. Jongeren botsen op tijdelijke contracten, een mismatch tussen de opleiding die ze volgden en de beschikbare vacatures, en regionale ongelijkheden die hun kansen op werk aanzienlijk beperken. Gerichte acties zijn nodig om ervoor te zorgen dat onze jongeren niet achterop geraken. Zeker als we een algemene tewerkstellingsgraad van 80 procent tegen 2029 willen bereiken, zoals de nieuwe regering voor ogen heeft.”
NEET-jongeren onder EU-doelstelling
Ook het aantal NEET-jongeren (Not in Education, Employment or Training) neemt structureel af. Dat zijn jongeren tussen 15 en 24 jaar die geen opleiding, onderwijs of vorming volgen en niet aan het werk zijn. Momenteel is 7,3% van alle jongeren ‘NEET’. Het Europese gemiddelde ligt op 9,1%.
Kathelijne Verboomen: “Met 7,3% NEET-jongeren is ons land een goede leerling van de klas. De EU-doelstelling is namelijk om - over alle landen heen - het aandeel NEET-jongeren tegen 2030 onder de 9% krijgen. Vandaag ligt het EU-gemiddelde nog op 9,1%. Dit gunstige percentage weerspiegelt de inspanningen van België op het gebied van onderwijs, arbeidsmarktbeleid en jongerenbegeleiding. Om die positieve trend voort te zetten, moeten we blijven inzetten op het voorkomen van ongekwalificeerde uitstroom, het bieden van gerichte begeleiding aan kwetsbare jongeren en het versterken van de samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Alleen zo kunnen we het aantal jongeren zonder werk of opleiding verder terugdringen.”
8 mei 2025 | Johan Van Praet
Bron: Acerta
[1] Dat blijkt uit een analyse van hr-expert Acerta Consult op basis van de meest recente data van Eurostat, het Bureau voor de Statistiek van de Europese Unie.